Decentralisatie of de organisatie van genade

De AWBZ, jeugdhulp, meer banen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt (Participatiewet) en het passend onderwijs komen zeer binnenkort op het bordje van de gemeente. De ‘decentralisatie in het sociale domein’ zoals het in jargon heet, is daarmee de grootste politiek-bestuurlijke operatie in de geschiedenis van het openbaar bestuur. En de omstandigheden waaronder de operatie moet plaatsvinden, zijn verre van ideaal.

Zo pleitte de Algemene Rekenkamer onlangs voor een stop-en-ga-moment eind dit jaar. Zo’n moment is niet nodig als het allemaal vlotjes verloopt. Extra pijnlijk is dat de Algemene Rekenkamer haar pessimisme baseert op beleid en richtlijnen van het Rijk zelf. Ook als het Rijk doet wat ze zegt  en dat lukt allemaal, dan is het misschien toch nog verstandig om in november nog eens te kijken hoe ver iedereen met die decentralisatie is. Een voorzichtige waarschuwing dat haastige spoed leidt tot grote ongelukken. Vrezen ook PVV, SP en GroenLinks die al voorsorteren op een parlementaire enquête ‘decentralisatie in de zorg’. Probleem is echter dat er geen alternatief is.

De ‘zorgtrein’ waar we nu op zitten, dreigt te ontsporen door de onwerkbare berg bureaucratie en de uit de pan stijgende kosten. Media berichtten niet lang geleden veelvuldig over gezinnen met vijf, zes verschillende hulpverleners die hun zorgtaken niet gecoördineerd kregen. Over huishulpdrama’s omdat indicaties niet rond kwamen. Over jongeren die bij gebrek aan zorg maar worden opgesloten in jeugdgevangenissen. Of gehandicapten en chronisch zieken die niet mee doen terwijl ze dat wel willen of kunnen.

Tegenstanders van het nieuwe stelsel zullen wijzen op de hiaten in wat komen gaat; voorstanders van de decentralisatie zullen wijzen op hoe slecht het nu is georganiseerd. En klem tussen deze retorica van behoud en vernieuwingsdrift, zitten mensen te wachten op hun eerste intakegesprek waarin wordt bepaald hoeveel recht zij op zorg hebben en hoe ze dat vervolgens moeten organiseren. Wat ze wel weten is dat ze te duur zijn, hun sociale netwerk moeten aanboren en een huisbezoek van de gemeente krijgen.

Maar wat als de operatie nu eens mis gaat, wilde de SP vorige week donderdag in de commissie Onderwijs en Samenleven weten? Hoe weten we dat en kunnen we dan snel ingrijpen? De partij had zelf ook geen antwoord. Er viel in de raadszaal, waarin raadsleden zich verontschuldigden zo nieuw te zijn dat ze nog druk bezig waren zich in te lezen, een pijnlijke stilte. Zowel het college van Burgemeester en Wethouders als collega-raadsleden hadden over die brisante vraag niet nagedacht. Druk doende om alle deadlines te halen, had niemand een antwoord op de vraag hoe noodzakelijke veiligheidskleppen in te bouwen bij de grootste operatie in het openbaar bestuur dat direct ingrijpt op het dagelijks leven van honderden Leidenaren. En misschien is dat nog wel de minst gunstige omstandigheid van deze operatie: het moet slagen, want een alternatief bij falen is er niet.

Hans Schuurman (ANBO) en Stéphnaie Bakker (GroenLinks) praten vanavond bij LD Politiek Live over de verwachte veranderingen in de thuiszorg. U kunt de uitzending vanaf 20.00 uur live zien op de site van het leidsch Dagblad. <<

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.